Inleiding

Van panden (woningen) en gebouwen die zijn gebouwd tot en met de jaren 1950 bestaat er een kans dat de fundering moet worden hersteld of vernieuwd. In die gevallen waarbij funderingsherstel of vernieuwing a ca  €60.000 per pand aan de orde is en de woningen deel uitmaken van een bouwblok of bouweenheid wordt tot op heden veelal het gehele blok voorzien van een nieuwe fundering, terwijl het niet altijd nodig is de fundering van alle panden in die bouweenheid te herstellen.

Voor dergelijke situaties is tot op heden geen adequate methode voorhanden en wordt om die reden te veel, verkeerd of helemaal niet gefundeerd. Medio maart 2012 is een nieuwe methode bedacht die aan het hierboven genoemde probleem tegemoet komt.

De nieuwe methode, genoemd OFA fundering  maakt het mogelijk om aan de hand van verkregen zakkinggegevens van bouwmuren en gevels, de vernieuwde fundering “na te stellen” om te voorkomen dat in de toekomst extra scheurvorming in de gevels en of bouwmuren van de belendingen zal ontstaan of toeneemt. Deze Onafhankelijke Funderings Applicatie  (OFA fundering) betreft een nastelbare fundering die kan worden beschouwd als een quasi “hybride”- fundering.

Uitleg van de OFA fundering

In die situatie dat in een bouwblok aan de hand van een funderingsonderzoek een funderingsprobleem bij enkele panden is geconstateerd zal geadviseerd worden de funderingen van al deze panden te herstellen. In de praktijk zal het in enkele gevallen zo kunnen zijn dat de overige panden in het bouwblok niet voorzien hoeven te worden van een nieuwe fundering. In een dergelijke situatie zullen de panden, gelegen naast de panden die een nieuwe fundering moeten krijgen, zogenaamde scharnierpanden gaan worden.

Voorbeeld 1. Bouwblok met funderingsherstel van de panden 9-11-13-15 en 17

fig1ofafund

Figuur 1;  Schematische weergave voorbeeld 1

In het voorbeeld 1 moeten de panden 9 en 11 volgens het funderingsonderzoek worden voorzien van een nieuwe fundering. Hierbij is gegeven dat de panden zakken vanwege overbelasting op de paalfundering dat ontstaan is door negatieve kleef [1] en er beslist geen sprake is van paalkopaantasting.

De panden 7 en 13 worden zodoende scharnierpanden vanwege een nieuwe funderingen bij de panden 9 en 11. De panden 9 en 11 zakken niet meer zodat er wringing zal ontstaan in de gevel van de panden 7 en 13, dit noemt men daardoor scharnierpanden.

Een voor de hand liggende oplossing kan zijn deze scharnierpanden nu ook te voorzien van een nieuwe fundering echter hiermee wordt bereikt dat de panden 5 en 15 nu scharnierpanden worden en daarmee het probleem verschuift en niet wordt opgelost.

Met de OFA fundering kan binnen beperkte grenzen het onderlinge hoekverdraaiingsverschil tussen de panden worden gereduceerd, waarmee het probleem bij scharnierpanden kan worden opgelost en daarmee het “domino-effect’ wordt doorbroken. Zodoende moet het mogelijk worden een beperkter aantal panden in een bouwblok te voorzien van een nieuwe fundering.

In figuur 2 wordt deze wijze van het reduceren in hoekverdraaiing aangetoond.

Situatie I
De huidige zakkingslijn is weergegeven. De zakking van de panden 13 t/m 19 neemt af en zou er op basis van de zakkingssnelheid vooralsnog geen aanleiding zijn voor funderingsherstel voor de panden 13 t/m 19.

Situatie II
Na het aanbrengen van een nieuwe fundering met “standaard” funderingspalen P1 en P2 bij de panden 9 en 11 zal de onderlinge hoekverdraaiing tussen de panden 11-13 en15 in de loop van de tijd fors gaan toenemen.

Situatie III
Gekozen is bijvoorbeeld voor een nieuwe fundering bij pand 13. De hoekverdraaiing die nu gaat optreden bij pand 15, dat nu een scharnierpand is geworden, bedraagt ongeveer hetzelfde als eerder bij pand 13, hoek α is nagenoeg gelijk aan hoek β. Het funderingsprobleem is daarmee niet opgelost maar verschoven naar pand 15. Nu kan men pand 15 op eenzelfde wijze gaan herstellen waardoor het probleem weer wordt doorgeschoven naar pand 17 enzovoorts. Dit fenomeen wordt het zogenaamde domino effect genoemd. Om dit effect te onderbreken wordt gebruik gemaakt van een methode die de zakking reduceert of controleerbaar maakt, waarmee wordt bereikt dat de hoekverdraaiingen worden gereduceerd tot acceptabele waarden.

Situatie IV
Hierin is aangegeven op welke wijze de hoekverdraaiing kan worden gereduceerd tot maximaal α/2.  De “standaard” funderingspalen P3 en P4 worden uitgevoerd met een nastelbare paalkop. Op deze wijze is het mogelijk geworden de fundering op elk gewenst niveau af te stellen zowel op verplaatsing als op belasting. Na verloop van enkele jaren kan met eenvoudige middelen de fundering worden nagesteld.

fig2ofafund

Figuur 2. Principe OFA fundering (hoekverdraaiings reductie).

Nastellen van de fundering met de OFA fundering

Monitoren
Voor het bepalen van het tijdstip en de mate van nastellen van de fundering zal dit moeten gebeuren aan de hand van het opmeten van de onderlinge hoekverdraaiing van de panden voordat het funderingsherstel heeft plaatsgevonden. Hiertoe kan in zijn eenvoudigste vorm in de gevel op enkele lokaties meetbouten worden aangebracht die ten opzichte van elkaar in hoogte worden ingemeten, dit is de zogenaamde nulmeting. Na verloop van enige tijd wordt deze meting herhaald en wordt hieruit de onderlinge hoekverdraaiing afgeleid. Op basis van een vooraf afgesproken criterium[2] wordt bepaald of er wel of (nog) niet wordt nagesteld.

Nastellen
Het nastellen wordt uitgevoerd met hydraulisch gereedschap, waaronder een kleine losse hydraulische cilinder (20t  G = 5kg). Bij de OFA fundering is de paalkop voorzien van een permanente nastelbare inrichting, die met behulp een losse hydraulische cilinder kan worden versteld.

Door het op druk brengen van de oliecilinder kunnen de moeren spanningsvrij worden gemaakt. De oliecilinder kan de fundering laten zakken of liften. Binnen vooraf berekende waarden of belasting kan de fundering per keer worden nagesteld.

De nastelbare inrichting kan in diverse varianten worden aangepast aan de situatie en ligging van de funderingsbalken of constructievloer.

Verslaglegging
Per monitoringsronde en/of nastelactiviteit zal een meetverslag worden gemaakt met daarin de bevindingen en/of nastelwaarden. De gegevens worden in een “logboek” bijgehouden en overhandigd aan de beheerder van het pand. De beheerder kan in dergelijke gevallen ook een VVE of notaris zijn.  Het “logboek” zal een onderdeel vormen van de koopakte.

Toepassingen met OFA fundering

In het algemeen kan met de OFA fundering niet voorspelbare zakkingverschillen van de fundatie van nieuw met “oud” worden gecompenseerd.

Partieel funderingsherstel
Door gebruik te maken van de OFA fundering  kan partieel funderingsherstel binnen een pand of gebouw plaatsvinden, zoals bij:

  • Vervanging van de funderingspaal bij schade aan de bestaande funderingspalen
  • Bijplaatsen van funderingspalen voor het toevoegen van draagvermogen

Nieuwbouw
Bijvoorbeeld bij aanbouwen van serre’s of garages tegen bestaande bebouwing kan de nieuwe paalfundering worden uitgevoerd met nastelbare inrichtingen, zodat bij een eventueel zakkingsverschil, de nieuwe fundering later kan worden nagesteld.

Voorbeeld van een nastelbare inrichting van de OFA fundering.
fig3ofafund

Figuur 3; Voorbeeld nastelbare OFA fundering

Nadere informatie bij
Ing. Andre Opstal

Mob. 0629419364

andre@opstalfunderingsadvies.nl

[1] Negatieve kleef treedt op als gevolg van zakkende grond langs de funderingspalen

[2] Handboek Funderingsherstel Uitgave CUR/SBR  www.curnet.nl